De 400 duizend Nederlanders met COPD worden vaak overbehandeld.Ze krijgen medicatie die de longziekte niet remt, maar wel tot flinke bijwerkingen leidt, zoals een dunnere huid en botontkalking. Long- én huisartsen trekken aan de bel.

De 65-jarige Noor Cuenen-Satijn heeft verbanden van tien bij tien centimeter op beide armen. De vellen hangen erbij. Haar handen zijn bont en blauw. ‘Ik hoef maar iets aan te raken en ik zit onder de blauwe plekken’, zegt ze. ‘En ik krijg snel wondjes. Ze blijven bloeden.’ Haar stem klinkt zacht. Praten gaat moeizaam. Ze verontschuldigt zich dat ze moeilijk verstaanbaar is. ‘Dat ik zo hees ben, komt ook door die medicijnen.’
Voordat Noor Cuenen-Satijn in het revalidatiecentrum werd opgenomen waar ze nu nog twee maanden moet blijven, moest ze vaak worden opgenomen in het ziekenhuis. Door haar COPD wordt ze vaak zo benauwd dat ze moeite heeft met ademen. ‘De vorige keer ben ik zelfs in coma geraakt’, vertelt ze. ‘Ik kon nog net de ambulance waarschuwen.’
En toch moet ze haar medicijnen gaan afbouwen. Want ze kreeg zoveel medicatie dat het haar meer kwaad dan goed deed. En de achteruitgang door de ziekte remmen kunnen ze niet.