‘Jahaaaa, dit is echt een bejaardenwoning, hoor’, zegt Bert Poot (1936) in zijn gelijkvloerse huisje in het Drentse dorpje Westerbork. Zomerblauwe ogen heeft deze vitaal ogende senior, en een witte ringbaard die al net zo onberispelijk verzorgd is als zijn keurig opgeruimde, kraakheldere woonruimte. Maar ondanks deze ordelijkheid en rust lijkt het leven Bert Poot als zand door zijn vingers te glippen. Traagheid, desoriëntatie en nachtelijke paniek hebben bij hem tot een glashelder besef geleid: hij acht zijn leven voltooid.

Wat is er met u aan de hand?
‘Ik voel me dikwijls gedesoriënteerd. Laatst wilde ik in de keuken eten gaan koken en ik kon opeens niets meer vinden. Ik kom niet meer op ideeën en neem steeds minder initiatieven om dingen te gaan ondernemen. Ik slaap slecht. Soms word ik middenin de nacht badend in het zweet en in paniek wakker. Alles wordt trager. Een formulier invullen op de computer wordt steeds moeilijker. Eindeloos controleren is het gevolg. Dat roept veel spanningen op.’

Wat doet dat met u?
‘Nou, dat ik bang ben om afhankelijk te worden van anderen, of dat ik mensen ga claimen doordat ik onzeker ben. Ik kan niet meer tegen alle informatie die op me af komt. Van mijn favoriete componist Brahms kan ik niet meer genieten. Sterker nog: muziek irriteert me soms zelfs. Dat heb ik nooit gehad. Als ik met vrienden ga eten, zit ik te dubben: kan ik het wel aan? Ik twijfel over alles. Mijn rijbewijs is verlopen. Dat ga ik niet meer laten verlengen, want ik reageer te traag. En wat ik vroeger deed: een dagje met de trein naar Amsterdam, dat doe ik ook niet meer. Ik zou knettergek worden van al die drukte. Het is heel erg, maar ik ben een angsthaas geworden.’

Bent u onder behandeling bij een arts?
‘Ja. Er is een mri-scan gemaakt van mijn hersenen, want er was een vermoeden dat ik zou lijden aan dementie. Dat is niet het geval. Wel ben ik depressief. En ik ben eenzaam, ja, dat ook. De laatste jaren heb ik wel geleerd om vrienden te zoeken. Daar ga ik mee wandelen of eten, maar toch is het niet genoeg. Ik ben niet brutaal genoeg. Te afwachtend, dat ben ik. Het initiatief moet vooral bij een ander vandaan komen.’

Hoe zag uw leven er vroeger uit?
‘Ik ben in Den Haag geboren en heb in Zeist en Ede gewoond. Ik werkte in de elektronica: eerst bij TNO, waar we radarapparatuur ontwikkelden voor het leger. In 1967 ben ik getrouwd. We gingen in Dwingeloo wonen, waar ik een baan kon krijgen bij de Sterrenwacht. We kregen samen drie kinderen, die nu elk ook weer kinderen hebben. Allemaal hebben ze een jongetje en een meisje. Heel bijzonder. Naast mijn werk hield ik erg van tuinieren en fotografie. Ook de elektronica bleef een hobby. Ons huwelijk strandde en daarna ontmoette ik een andere vrouw. Een paar jaar geleden ben ik ook van haar gescheiden. Ik voel me ervoor verantwoordelijk dat het verkeerd is gegaan. Achteraf denk ik: hadden we het niet kunnen oplossen? Ik wil ook zo graag tegen haar zeggen dat ik het anders had willen doen. Ik heb niet goed opgelet. Ik heb te weinig gepraat.’

Hoe is het voor u om nu alleen te wonen?
‘Ik vind dat heel moeilijk. Vaak denk ik: waar doe ik het allemaal voor? In een relatie doe je dingen voor elkaar. Je wilt iets betekenen voor een ander. Daar kan ik niet buiten. Ik ben lid van twee wandelclubjes, ik heb kinderen, kleinkinderen en vrienden, maar dat is niet hetzelfde.’

En dan opeens vertelt hij dat hij de dag ervoor drie buurvrouwen op de thee heeft gehad. Ze wonen in hetzelfde seniorencomplex. Zijn ogen beginnen te glimmen. ‘Ik moet mijn best doen om ze te verstaan, want ze praten allemaal Drents. Maar nu hebben we afgesproken dat we de volgende keer bij een ander op de thee gaan. Dat wisselen we dan zo een beetje af. Of het gezellig was? Ja, het was leuk.’

En als u nou een nieuwe relatie zou krijgen?
‘Nee, nee, ik zou geen relatie meer willen.’

Waarom niet?
‘Omdat ik stap voor stap achteruit ga. Waarom zou ik dat iemand willen aandoen? Ik wil geen demente ouwe sukkel worden die maar in leven wordt gehouden tot ‘ie dood gaat. Want als je eenmaal in de greep bent van de zorg, dan word je hun bezit. Dan ben je al je vrijheden en privileges kwijt.’

Maar de hersenscan heeft uitgewezen dat u niet dement bent.
‘Nee, dat klopt. De arts zei dat er sprake was van een contactstoornis tussen het geheugen en de werkelijkheid. Ik vond het wat vaag klinken, maar er is geen sprake van dementie. Alles zag er goed uit.’

En toch wilt u dood.
‘Ja. Ik heb in 2013 alles al ingevuld.’

(Hij loopt naar de kast en trekt daar een ordner uit waar alle formulieren van de NVVE netjes in opgeborgen zijn, in het zicht.)

‘Kijk, ik heb in februari 2013 al een behandelverbod ondertekend en een euthanasieverzoek. In november 2013 heb ik een Voltooid leven-verklaring ondertekend, dat is deze. En dat heb ik toen ook aangevuld met een bijzondere clausule dementie. Daarin staat dat ik niet meer wil leven als ik afhankelijk word van anderen.’

Wat vinden uw kinderen daarvan?
‘Ze vinden het moeilijk, maar dat laten ze niet merken. Mijn jongste zoon rijdt overal met me naartoe. Hij heeft me ook geholpen met die formulieren van de NVVE. Hij is zo behulpzaam en trouw. Ik heb niets dan lof voor hem.’

Wordt u behandeld voor uw depressie?
‘Ja, ik ben een tijdje in Hoogeveen behandeld, maar daar weten ze het allemaal niet zo goed. Ik heb een zeer intensief gesprek gehad met mijn huisarts, een jonge vrouw. Die kán toch goed luisteren. Zó’n vrouw is het! Ik kom nu niet in aanmerking voor euthanasie. De huisarts is langzaam maar zeker om, maar de tweede arts nog niet. Na lang praten heeft de huisarts me overgehaald om me te laten opnemen in het UMCG in Groningen. Ze heeft me gevraagd of ik het een jaar de tijd wil geven. In het uiterste geval is er ook elektroshocktherapie mogelijk. Ik wil het wel een kans geven, vooral voor mijn kinderen. Ik vind het idioot om voor de trein te springen. Dat doe ik niet. Maar goed, een jaar in behandeling: dat wil ik wel doen.’

En dan?
‘Als de behandeling dan niet heeft geholpen, is er sprake van ondraaglijk lijden en kan er gepraat worden over de euthanasie.’

Dat is echt zo tegen u gezegd?
‘Ja.’

Misschien wilt u na de behandeling niet meer dood.
(Op besliste toon:) ‘Als het aan mij ligt krijg ik na dat jaar gewoon euthanasie. Ik weet zeker dat ik mijn leven dan nog steeds voltooid acht. Ik zie er tegenop om nog ouder te wonen. Ook omdat ik zie hoe er met ouderen wordt omgegaan in de samenleving. Eerst zorgt de geneeskunde ervoor dat je stokoud wordt en vervolgens zijn er onvoldoende mogelijkheden om een waardig leven te leiden. Zo’n bejaardencomplex als dit, dat is toch niks? Iedereen wacht hier op de dood.’

Bert Poot vertelt dat iedereen in het seniorencomplex maar ‘een beetje zit te zitten’. Dat kan hij niet, zegt hij. Binnen zitten vindt hij vervelend. Daarom gaat hij elke dag minstens een half uur wandelen. ‘Dat is goed voor de gezondheid.’

Dat is goed voor de gezondheid, zegt u, terwijl u dood wilt.
(Grinnikt:) ‘Ja, ja, dat is zo. Een mens zit raar in elkaar.’

Wat is uw liefste wens?
‘Dat ik een middel krijg van een arts en dat ik doodga. Nu. Op dit moment.’

En als u zelf het moment zou kunnen bepalen? Zou u een laatstewilpil willen hebben?
‘Kijk… het idee dat ik zo’n pil in de kast zou hebben liggen… Dan ben ik weer mijn eigen baas geworden. Dan heb ik mijn autonomie weer terug. Ik denk dat dat idee me zoveel rust zou geven, dat ik misschien wel wat meer zo u kunnen genieten van het leven. Ja. Daar ben ik heilig van overtuigd.’

Zou iedereen recht op zo’n pil moeten hebben?
‘Nou, nee. Het moet niet zo worden dat je een laatstewilpil bij de Albert Heijn op de hoek kan krijgen. Mijn intentie is niet dat je het mensen zo gemakkelijk mogelijk moet maken. Alleen: de medici, die moeten er met hun handen vanaf blijven. Het is arrogant om te denken dat je voor een ander kunt bepalen of er sprake is van ondraaglijk lijden. Dat kan iemand alleen zelf.’

Kader:
Bert Poot woont alleen in Westerbork. Hij werkte in de electronica, eerst bij TNO en later bij de Sterrenwacht. Hij is gescheiden en heeft drie kinderen en zes kleinkinderen.

Dit interview schreef ik in opdracht van de NVVE voor de website www.voltooidleven.nl. Op deze website komen zes mensen aan het woord die lijden aan een voltooid leven. Foto: Anne Meyer Fotografie.

Lees ook het verhaal van Els van Duijn-Reerink: ‘Je zelfstandigheid verliezen is vreselijk’
Lees ook het verhaal van Jan Hoogerwerff: ‘Er is niets dat mij aan het leven bindt’